Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging UNESCO in Parijs, Frankrijk

In welke commissies is Nederland aktief?

Het is de taak van de Algemene Conferentie om specifieke of technische commissies en andere ondersteunende organen op te zetten bij het uit te voeren beleid. Deze commissies en organen zijn verantwoordelijk voor een specifiek UNESCO programma, houden zich bezig met beleidsvorming en bewaken de uitvoering van het programma. In de commissies wordt een geografische verdeling van lidstaten en in het algemeen het rotatieprincipe in acht genomen. Lidstaten kunnen voor een periode van vier jaar gekozen worden. Gemiddeld komen deze organen twee keer per jaar bijeen.

Nederland is actief in het International Hydrological Programme (IHP). Dit wetenschappelijke programma richt zich op mondiale waterproblemen binnen het hele scala van UNESCO: hoogwater en droogte, oppervlaktewater en grondwater, water en vrede, water en cultuur, water in de humide tropen, woestijnen, natte laaglanden, steden en natuurgebieden. De Nederlandse bijdrage wordt gecoördineerd door het Nationaal IHP-Comité, een interdepartementele adviescommissie van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu en het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Een belangrijke bijdrage aan het IHP is het in Delft gehuisveste UNESCO-IHE Institute for Water Education, dat een volwaardig UNESCO-centrum is, volledig door Nederland gefinancierd. Een andere, oudere 'dochter' van het IHP is de Internationale Commissie voor de Hydrologie van de Rijn (CHR), waarvan het secretariaat bij Rijkswaterstaat is gehuisvest. Alle Rijnlanden hebben zitting in deze commissie.

Daarnaast maakt Nederland sinds 2007 deel uit van het Comité voor de bescherming van cultureel erfgoed in gewapend conflict. Dit intergouvernementele comité bestaat uit de 60 landen die sinds 1999 het Tweede Protocol van de Haagse Conferentie (uit 1954) hebben getekend.